Jaloezie.

Jaloezie. En dan heb ik het niet over de raamdecoratie.
Al zou ik voelbaar deze jaloezieën op standje verticaal willen klappen als mijn lichaam van buitenaf deze energie van jaloezie waarneemt.

Dit is mij te poëtisch Janine.
Bedoel je dat je weg wilt blijven van het gevoel als iemand jaloers is?
Juist. Correct vertaald Afdeling linker hersenhelft.

De gemene stiefzussen links achter mij verslikken zich nog net niet in hun dropje en zeggen gekscherend “denk jij werkelijk dat er iemand jaloers is op jou?”
Nou, ik hoop van ganser harte dat ik het mis heb en het is ook volstrekt zonde en van de zotte als dat zo is.
Maar laatst nam mijn gevoel of mijn intuïtie deze energie waar toen ik in gesprek was met iemand en dat was allerminst prettig te noemen.

Hoe voelde het dan? Venijnig. Niet oprecht. Het leek meer op een toneelstukje waar de zon leek te schijnen maar intussen werd ik het drijfzand in geduwd.
En hoe reageer jij dan op zo’n moment? Nou, naïef. Alsof ik het niet doorheb. Wat moet je in zo’n moment. Ik voel van alles maar mijn hoofd volgt dat gevoel niet direct. De pan soep in mijn buik kookt en geeft al blaasjes maar ik kan gewoon niet opscheppen, zoiets.
En hopelijk heb ik het mis maar ik moet het van mij afschrijven.

Ben jij dan nooit jaloers geweest?
Jazeker wel. Toen ik puber was kon ik jaloers zijn op meisjes met porseleinen huidjes waar geen gele kop slash rijpe pukkel op te bespeuren was.
En waarom moest mijn haar, die ik zo mooi had glad gestreken met de stijltang die ochtend, bij aankomst op school nou meer lijken op een ontplofte schaampruik? Om die reden had ik al een hekel aan fietsen. Die verrekte ochtend dauw. Ik werd liever door mijn vader afgezet op school. Zo bleef mijn haar in model en kon ik om de haverklap mijzelf [onzeker aanschouwend] aankijken in het uitklapbare autospiegeltje. Mijn broers die achterin zaten telden werkelijk de keren dat het spiegeltje op en neer ging. Het zorgde voor een hoop hilariteit in huize Schultink. Niet dat iemand op school mijn onzekerheid opmerkte hoor. Ik kon dat prima verbergen, althans, dat denk ik. Haha. Maar waar was ik? Over het onderwerp onzekerheid kan ik werkelijk een serie schrijven.

Dusssss. Back on the main road.
Los van uiterlijkheden, heb ik het gevoel van jaloezie nooit ècht gevoeld en begrepen.
Want als iemand jaloers is op de ander, of het nu om materie, karaktereigenschappen of relaties gaat, dan ondermijnt diegene toch zijn eigen kwaliteiten?
Jezelf vergelijken met een ander zal het hart namelijk nooit doen. No way.
Dat doet het hoofd en vergelijken is per definitie afslagje “lijdenspad”.
Niet doen dus, “Noooo Gooo Area!”, zegt mijn inner wijsneus, die lijkt op een Japanse Beveiliger die met zijn linkerhand vooruit staat waarmee hij het signaal STOP af wilt geven.

Het klopt ook echt voor mij. Jaloezie gaat hand in hand met vergelijken. Alleen jaloezie voelt venijniger. Maar beide hebben ze iets treurigs. Ja, ik wordt daar dus verdrietig van.

Nu heb ik het wiel echt niet uitgevonden maar wat ben ik blij dat ik naarmate ik ouder wordt, steeds minder vergelijk. En steeds meer bij mijzelf naar binnenwandel. Er liggen daar namelijk zoveel meer schatten verborgen die ik never nooit ga vinden in de buitenwereld.

En dat is wellicht het moraal van dit verhaal. Niet vergelijken maar meer naar binnen kijken. Jaloezie is niet dienend. Behalve dan dat jaloezie een weerspiegeling is van wat er binnenin bij jou gebeurd?
Poeh, vage shit ouwe! Roept de puber in mij. Het is inderdaad een mistig pad. Maar zoals ik al zei, liggen er onder die mistige rook waardevolle schatten verborgen die er alleen voor jou liggen.

Tja tja.
Cha cha cha cha cha chaaaaaaa.
Mijn innerlijke kind schreeuwt om slaap. Nu het hoofd maar laten rusten want die heeft weer genoeg willen begrijpen vandaag.

Nachtelijke groetjes,

Liefs,

Janine

Plaats een reactie